In de verzorgingsstaat heeft de lokale, gesubsidieerde dienstverlener het primaat. Toch spreekt dat niet vanzelf:

  • er zijn buren, familieleden en informele organisaties die evenveel kwaliteit kunnen leveren
  • er zijn winkels die producten leveren waarvan de kostprijs veel lager is dan bij de instellingen
  • er is gesubsidieerd aanbod via internet (bijv. e-learning en psychosociale begeleiding) dat een veel groter bereik heeft tegen veel lagere kosten
  • er zijn vrijwilligersorganisaties en winkels die via internet veel betaalbare kwaliteit leveren
  • en al die aanbieders en schaalniveaus kunnen elkaar lokaal versterken

De toepassing van deze ‘concurrenten’ in het onderwijs, de zorg of het welzijnswerk is tot nu toe marginaal. Dat komt er mede door, dat we niet eerlijk zijn over de bijwerkingen en nadelen van het reguliere aanbod. Daar zit meestal geen bijsluiter bij.